MVO

Plus Deze windparken op zee evenaren de capaciteit van een kleine kernreactor

Volgens de Global Wind Energy Council (GWEC) zijn er wereldwijd al zes windmolenprojecten op zee met een vermogen van meer dan 400 megawatt. Dat komt neer op de capaciteit van een kleine kernreactor.

Kathleen Van Goethem & Inès Aoun | 19 september 2019
Gemini Wind Park 13 402 The Wind Park Looking To The Future
Gemini Wind Park

Windenergie wint wereldwijd aan terrein en capaciteit. Offshore windenergie zal ongeveer 18 procent van de totale windenergiecapaciteit uitmaken tegen 2023. De zes grootste offshore windmolenprojecten behoren volgens de GWEC toe aan respectievelijk Nederland, het Verenigd Koninkrijk en China. Sommige projecten op de lijst zijn weliswaar nog in aanbouw.

Van klein naar groot:

6. Nanpeng Island (400 megawatt)

China General Nuclear Power Corporation (CGN) begon in juni van dit jaar met de installatie van turbines van 5,5 megawatt op Nanpeng Island. CGN verwacht dat de site in 2020 operationeel zal zijn. De 73 windturbines hebben momenteel een capaciteit van 400 megawatt. De Chinezen zien het echter groot: op termijn wil CGN de capaciteit uitbouwen tot 3 gigawatt.

5. Shenguan-I (400 megawatt)

Het Chinese Shenquan I-project van State Power Investment Corporation in de Zuid-Chinese Zee beschikt in totaal over 73 windturbines van 5,5 megawatt. Samen goed voor een capaciteit van 400 megawatt. Streefdoel is een capaciteit van 750 megawatt.

4. East Anglia One (455 megawatt)

East Anglia One bevindt zich in de Noordzee, ongeveer 43 kilometer voor de kust van het Britse Suffolk, en beslaat een oppervlakte van 300 vierkante meter. Momenteel heeft het windpark een capaciteit van 455 megawatt. Volgens ontwikkelaar Iberdrola kan East Anglia One met de voorziene 102 windturbines 714 megawatt leveren aan bijna 600.000 Britse gezinnen. Kostplaatje is 4,7 miljoen euro.

3. Greater Gabbard (503 megawatt )

Greater Gabbard ligt op 25 kilometer van de kust van Suffolk en grenst aan twee zandbanken: de Inner Gabbard en The Galloper. De 140 windturbines zorgen voor 503 megawatt, voldoende om 530.000 gezinnen van stroom te voorzien. Het park is eigendom vande partners Scottish and Southern Energy (SSE) en RWE Npower en kostte zo’n 721 miljoen euro. Naar eigen zeggen zal het project de CO2-uitstoot met een miljoen ton per jaar reduceren .

2. Lincs Race Bank (573 megawatt)

Met 91 turbines is het Race Bank-project het grootste Britse offshore windpark. Het ligt op 27 kilometer van het strand van Norfolk . De windturbines hebben een capaciteit van 573 megawatt, wat neerkomt op stroom voor 500.000 gezinnen. Het wordt gefinancierd door Firebolt Holdings en het Deense energiebedrijf Ørsted, het vroegere Dong Energy.

1. Gemini (600 megawatt)

Op twee locaties in de Noordzee, zo’n 85 kilometer van de kust van Nederland, ligt het Gemini Windpark. Met zijn 150 turbines van 4 megawatt levert het sinds 2017 energie aan 785.000 gezinnen. Daarmee wordt er volgens ontwikkelaars Northland Power en Van Oord jaarlijks 1,25 miljoen ton aan CO2 bespaard. Het project kostte 2,8 miljard euro.

Verder lezen?

Maak een profiel aan en lees Susanova nu 1 maand gratis.