Plus Biologisch afval uit sapindustrie krijgt tweede leven in cosmetica en interieur

Wie zich afvraagt welk concurrentieel prijsvoordeel bedrijven halen uit de verwerking van biologisch afval, stelt de verkeerde vraag. Het is niet het verschil in de aankoopprijs van de grondstoffen dat de producten van Eco Treasures en Orineo tot een succes maakt. Wel hun zuiverheid en natuurlijke karakter. Een portret van twee groene scheuten van de circulaire, biogebaseerde economie in Vlaanderen.

Senne Starckx | 18 september 2017
Kvg 798698
ID/ Katrien Van Giel

We beseffen het zelden als we een sappige perzik, peer of pruim afkluiven, of wanneer we de pitjes uit ons zelf geperste appelsiensap vissen: pitten en zaden vormen de energiekern van elke vrucht. Ze bevatten alle voedingsstoffen en -reserves die nodig zijn voor de ontwikkeling van een nieuwe plant. Voor het bedrijfje Eco Treasures uit Lokeren vormen ze bovendien een belangrijke grondstof. 

Bosbessen en frambozen 

De Waaslandse kmo perst de oliën uit de pitten en zaden van ‘klein fruit’ zoals aardbeien, bosbessen, frambozen en veenbessen om die vervolgens te verkopen aan producenten van cosmetica en voedingssupplementen. De cosmetica-industrie werkt graag met natuurlijke ingrediënten. Niet alleen staan verschillende pitoliën bekend om hun huidverzorgende en ontstekingsremmende eigenschappen, de industrie kan zich op die manier ook een groen imago aanmeten. Producenten van voedingssupplementen vallen vooral voor de rijkdom aan nutriënten en mineralen in de oliën Оn voor het unieke vetzuurprofiel – een uitstekende verhouding tussen omega 3 en omega 6. Bovendien kunnen de oliën heel gemakkelijk verwerkt worden in softgels, de zachte gelatine waarmee capsules gemaakt worden.

“De oliën die wij produceren kun je de plantaardige tegenhangers van visolie noemen”, zegt zaakvoerder en stichter Kris Schatteman. Zo verkoopt Eco Treasures zuivere veenbessenolie, gemaakt uit de zaden van de bekende rode besjes. “Die olie is rijk aan proanthocyanidine. Een zeer krachtig antioxidant dat deze stof bijzonder interessant maakt voor voedingssupplementen.” Schatteman ontwikkelde in 2006 een nieuwe technologie om hoogwaardige moleculen uit natuurlijke grondstoffen te extraheren. Het gaat om superkritische extractie, een methode waarbij de eigenschappen van een gas (in dit geval CO2) en een vloeistof gecombineerd worden. Twee jaar later was zijn pilootinstallatie klaar en startte hij Eco Treasures op. Nog eens twee jaar later, in 2010, was de eerste commercieel beschikbare fruitpitolie (uit framboospitten) een feit.

Niche van een nichemarkt

Eco Treasures surft mee op het succes van de voedingssupplementen. Die verkoop zit al jaren in de lift. Wie veenbessensap bijvoorbeeld te zuur vindt, zoekt al gauw zijn toevlucht tot een supplement. En de reclame doet er nog een schepje bovenop, want in tegenstelling tot de farmaceutische sector is de supplementenindustrie niet gebonden aan waarheidsgetrouwe, wetenschappelijke claims op haar verpakkingen. Toch kwam het succes voor Kris Schattemans bedrijf niet vanzelf. Vanaf het prille begin werd duidelijk dat Eco Treasures zich van andere extractiebedrijven moest onderscheiden om een plaats op de markt te kunnen veroveren. Dat inzicht leidde tot de strategie om zich te concentreren op nichemarkten en de valorisatie van organische reststromen uit andere industrieën, meer bepaald de sapindustrie. Gevraagd naar de positionering van zijn bedrijf binnen de circulaire, biogebaseerde economie, antwoordt Schatteman dat hij actief is binnen ‘de niche van een nichemarkt’. Een niche die blijkbaar zeer dun bevolkt is, want Schatteman ziet – zeker in ons land – nauwelijks concurrentie. “In een aantal landen van de EU waarnaar we uitvoeren, zoals Duitsland, Frankrijk, Polen en Finland, is er wel een beetje concurrentie.”

Eco Treasures haalt zijn grondstoffen bij de grote, industriële sapproducenten. Die zijn immers niet geïnteresseerd om hun pulpafval te valoriseren – dat ligt ver buiten hun activiteitenportefeuille. Naast oliën produceert Eco Treasures ook nog droge poeders en een paar materialen vervaardigd uit de ‘perskoeken’ van de olieproductie – jargon voor de worstjes die overblijven na het persen van de olie uit de pitten. En ook hier vinden we de veenbessen terug. “Bij veenbessen zitten de meeste proanthocyanidinen in de velletjes. Als je veenbessensap drinkt, verlies je die dus. Daarom wordt ons veenbessenpoeder ook gebruikt in voedingssupplementen, bijvoorbeeld in capsules.”

Verder lezen?

Om verder te lezen moet u geabonneerd zijn op Susanova.